Skip to content

Scenario 1: Een gevoelige klap

In dit scenario werd de lockdown al opgeheven nog voordat de economie kwetsbaar werd. De economie stortte niet in, maar was slechts bevroren gedurende een bepaalde periode. Tijdens deze stilstand liep het bbp enorm terug en nam de werkloosheid sterk toe. Dit kwam voornamelijk doordat transacties werden uitgesteld en veel service-gerelateerde sectoren moesten sluiten. Overheidsbeleid bleef beperkt tot financiële steunmaatregelen om ervoor te zorgen dat de economie de lockdown zou overleven. Nadat de economie weer op gang kwam werden de meeste transacties hervat, veel banen keerden weer terug en de economische bedrijvigheid nam geleidelijk aan toe. Dit werd ondersteund met omvangrijke monetaire en fiscale stimuleringsmaatregelen. Eind 2021 was de economische groei weer op het niveau van voor de corona-uitbraak, maar het duurde nog een aantal jaren voordat ook de bedrijvigheid weer op dat niveau was. Wel waren er positieve effecten van versnelde innovaties die aan de crisis te danken waren. Kortom, de lockdown was eerder een schok dan een klassieke recessie.

Download overview van de coronascenario's in cijfers

Tijdens de lockdown

Tijdens de lockdown liep de economische bedrijvigheid sterk terug doordat transacties werden uitgesteld. De werkloosheid nam sterk toe omdat veel sectoren werden gesloten. Al snel tijdens de lockdown werd de economie bevroren, hetgeen betekende dat banen niet structureel verdwenen zoals tijdens een traditionele recessie, maar in de wacht werden gezet. Gedurende de lockdown verklaarden de meeste overheden al dat ze whatever it takes zouden doen. Overheidssteun legde een solide basis onder de mate van economische bedrijvigheid. Landen die niet de administratieve mogelijkheden hadden om juist die bedrijven en gezinnen te steunen die dat het hardst nodig hadden, zoals de VS, moesten veel meer maatregelen treffen om de economie toch te ondersteunen.

Economie begon af te glijden

Ondanks omvangrijke en effectieve steunmaatregelen begon de economie geleidelijk aan af te glijden naarmate de lockdown duurde, doordat bedrijven zonder geld kwamen te zitten en tegen hun kredietlimieten aanliepen. In dit stadium gingen veel bedrijven en sectoren bankroet en groeide de werkloosheid nog sterker. In de VS kwamen naar schatting 35 miljoen van de 165 miljoen werknemers tijdelijk zonder baan te zitten en het bbp nam gedurende enige tijd 15% per jaar af. Maar zowel de werkgelegenheid als de bedrijvigheid veerde weer op toen de lockdown werd opgeheven nog voordat al te veel schade was aangericht aan de economie als geheel.

Bedrijvigheid terug op het oude niveau

Gedurende 2020 werd de lockdown geleidelijk opgeheven en de bedrijvigheid kwam bijna helemaal terug op het oude niveau. De belangrijkste reden hiervoor was dat er in september 2020 een vaccin was ontwikkeld dat besmetting in 60% van de gevallen voorkwam. In combinatie met farmaceutische behandelingen en een toenemende capaciteit op de intensive care verminderde de druk op de ziekenhuizen.

Na de lockdown

Nadat de lockdown was opgeheven werd de omvang van de ontwrichting zichtbaar. De bedrijvigheid viel nogmaals terug omdat veel bedrijven nu moesten reorganiseren om kosten te besparen en zich aan te passen aan een verminderde vraag. Zombiebedrijven werden geherstructureerd toen ze hun schulden wilden herfinancieren en veel ervan werden geliquideerd. Gedurende de schok na de lockdown was de economie nog steeds voor een groot deel afhankelijk van steun van de overheid en van garanties voor werkgelegenheid om de consumentenvraag op gang te houden.

Onzekerheid bleef voortduren

De maakindustrie kwam vrij snel weer op gang na het opheffen van de lockdown. Dankzij overheidssteun en lage rentetarieven functioneerden de kredietmarkten en het lenen van geld weer als vanouds, zij het tegen hogere risicopremies. De consumptie bleek maar mondjesmaat op gang te komen omdat huishoudens financiële buffers gingen opbouwen en terughoudend waren om geld uit te geven aan duurzame consumentenartikelen, horeca, entertainment en reizen. De huizenmarkt bleef gedurende een jaar heel rustig doordat de onzekerheid over de economie bleef voortduren.

Overheidssteun bleef lang noodzakelijk

Tegen het eind van 2021 keerde de economie terug op het niveau van voor de corona-uitbraak, maar met veel minder economische bedrijvigheid, grotere werkloosheid en meer schuld. Beleggingen herstelden maar langzaam en overheidssteun bleef nog lang noodzakelijk. Het duurde nog jaren voordat het niveau van economische bedrijvigheid terug was op het pre-crisis niveau. Wel waren er kleine positieve efficiencyontwikkelingen doordat tijdelijke lockdown-maatregelen permanent werden. De online aankopen bij supermarkten verdubbelden bijvoorbeeld, online werken nam in alle sectoren enorm toe en investeringen in gezondheidszorg en farmacie namen fors toe.

Gevolgen voor de langere termijn

De bezettingsgraad bleef gedurende een aantal jaren op 60% steken, totdat er verschuiving kwam van kapitaal naar nieuwe innovatieve sectoren. Banken werden getroffen door kredietverliezen, maar dat bleef beperkt tot enkele sectoren en zette het financiële systeem niet onder druk. Een onbedoeld gevolg van de crisis was de verandering van de arbeidsmarkt, met meer tijdelijke banen, nul-urencontracten en zzp’ers.

Beleid rond schuld en inflatie

De maatregelen die tijdens de lockdown en meteen erna werden genomen verhoogden de totale schuld (van particulieren en de staat) aanzienlijk, maar de korte duur van de lockdown voorkwam dat de schuldenlast een crisis veroorzaakte. De effecten van de ‘korte’ lockdown voor de langere termijn hingen nu af van het beleid rond schuld en inflatie. Toen de economie weer terugkeerde naar de normale gang van zaken werden wel pogingen ondernomen om de staatsschuld te verkleinen en de uitgaven te beperken met bezuinigingsmaatregelen, maar er werd ook druk uitgeoefend om in de nasleep van de coronacrisis een grotere staatsschuld toe te staan.

Groei, schuld en inflatie

Na de coronacrisis hadden veel landen in de eurozone zoveel staatsschuld opgebouwd dat de particuliere obligatiemarkten voor hen nagenoeg op slot gingen doordat beleggers ‘onacceptabele’ spreads eisten. Dit beperkte de markt voor particuliere obligaties tot economieën met relatief lage schuldniveaus zoals Duitsland, Nederland en Oostenrijk, die lage spreads bleven betalen. Dat gold ook voor het VK en de VS vanwege hun valutastatus. De druk op de eurozone om een herverdelingsunie te worden nam toe toen Italië en Spanje hun schuld moesten gaan herfinancieren tegen torenhoge kredietopslagen. Dit dwong de ECB tot herfinanciering van hun schulden tegen lage tarieven. Veel opkomende economieën zagen zich genoodzaakt om monetaire financiering te gebruiken voor hun tekorten. Een gevolg hiervan was dat hun valuta’s verzwakten hetgeen hun import raakte, met een wereldwijd afnemende vraag tot gevolg.

Inflatiedruk nam toe

De meeste liquiditeitssteun werd tijdens en na de crisis verleend om salarissen en de kosten van schuld te betalen. Dit had door de hoge werkloosheid en de zwakke vraag geen gevolgen voor de inflatie. Centrale banken zetten hun opkoopbeleid voor obligaties voort en hielden de rentetarieven laag. Maar toen de bedrijvigheid toenam, begon de inflatiedruk toe te nemen doordat huishoudens en bedrijven in 2022 hun financiële buffers verkleinden.

Landen werden slaaf van hun schuld

Hoewel de economie ontsnapte aan veel slechtere gevolgen, voegde de crisis meer schuld toe aan de al hoge schuldniveaus. Veel landen werden de slaaf van hun schuld, waardoor ze minder veerkrachtig werden en slechter voorbereid waren op een toekomstige economische crisis.

Deze percentages zijn jaargemiddelden.

Download alle tabellen

Gevolgen voor de financiële markten

De markt verwachtte dat de centrale banken hun huidige strategie van lage rentetarieven zouden voortzetten zolang de inflatie beheersbaar bleef. Dit betekende dat het opkoopprogramma van staats- en staatsgerelateerde obligaties – en in mindere mate van bedrijfsobligaties – om de bedrijvigheid met liquiditeit te stimuleren, zou doorgaan. Beleggers anticipeerden erop dat de wereldeconomie sterk bleef en dat de productiecapaciteit groter zou zijn dan de vraag, hetgeen de inflatie laag zou houden.

Positief sentiment op aandelenbeurzen

Het enorme stimuleringsprogramma van de centrale banken na de lockdown leidde tot een overschot aan liquiditeit in de financiële markten. Beleggers werden aangespoord om riskante assets te kopen zolang de centrale banken de rentetarieven tegen nul hielden. Dit zorgde voor een positief sentiment op de aandelenbeurzen gedurende drie jaren, maar de volatiliteit nam toe door de toenemende onzekerheid over de wereldeconomie.

Productiviteitswinst

De divergentie tussen de onderliggende economie en de verwachtingen van de financiële markten nam toe, maar de meeste beleggers achtten de kans op een diepe recessie klein. Ze rekenden erop dat de centrale banken de assetprijzen zouden blijven ondersteunen. De inflatie bleef naar verwachting laag omdat de productiviteitswinst door automatisering en veranderde werkpatronen wel zouden opwegen tegen de inflatiedruk. Dit doordat productie en supply chains steeds meer lokaal werden ingericht.

Z-spreads nemen toe door grootschalige staatsuitgiften van obligaties (zelfs met het obligatie-opkoopprogramma van de ECB).

Developed Markets equity presteert beter dan Emerging Markets equity door veranderende supply chains en lage olieprijzen.

*Dit betreft jaarlijks rendement. De andere getallen zijn niveaus waarop gehandeld wordt in de markt.

Download alle tabellen

De andere scenario’s: