Direct naar content

We zijn verslaafd aan oneindige groei

Kate Raworth, hoogleraar economie aan Oxford University, beschrijft in haar bestseller Donuteconomie de wereldeconomie aan de hand van twee cirkels. Willen we de aarde door kunnen geven aan de generaties na ons, zonder al te veel welvaart in te leveren, moeten we tussen de lijnen blijven. Om dat te bewerkstelligen is er een andere kijk nodig op de economie. 

Mensen willen een toereikend pensioen als ze oud zijn. Maar ze willen ook een leefbare wereld voor hun kleinkinderen. Daarmee heeft het fenomeen oudedagsvoorziening meer waarden dan uitsluitend de financiële. Om al die waarden te bereiken moeten we anders kijken naar groei en economie en leren van de natuur.

Dat stelt de Engelse econoom Kate Raworth, auteur van de in 2017 verschenen bestseller Doughnut Economics en voorvechter van een nieuwe economie die zich afzet tegen de neoklassieke modellen en denkbeelden op haar vakgebied. De vorm van een donut geeft voor haar in essentie het model voor de nieuwe wereldeconomie weer. De binnenste ring van de donut markeert de sociale ondergrens voor de mensheid, terwijl de buitenste ring het ecologische plafond van de aarde aangeeft. De nieuwe economie van de 21e eeuw moet binnen die twee ringen blijven om een duurzame en sociale wereld voor iedereen te creëren. Zodat iedereen beschikt over elementaire zaken als voedsel, onderwijs, gezondheidszorg, een woning en gelijkwaardige kansen.

Economische ongelijkheid

Raworth is sinds het verschijnen van haar boek Donuteconomie een veelgevraagd spreker. Ze werd in The Guardian al vergeleken met Keynes. De vergelijking met de enorme belangstelling voor de Franse econoom Thomas Piketty dringt zich op. Hij toonde enkele jaren geleden in een lijvig boekwerk vol cijfers en statistieken aan dat de economische ongelijkheid alleen maar toeneemt. “In mijn boek zijn de paginanummers de enige cijfers”, zegt Raworth over die vergelijking.

Maar ook Raworth is ervan overtuigd dat achterhaalde economische theorieën zorgen voor een wereld waarin extreme armoede heerst, rijken rijker worden en de aarde zodanig wordt uitgeput dat de toekomst ervan in groot gevaar is. Theorieën die de financiële crises niet konden voorspellen of voorkomen maar die desondanks de basis blijven vormen voor economisch onderwijs. Theorieën ook die complexiteit en menselijk irrationeel handelen negeren en waardenvrij en objectief pretenderen te zijn.

Natuurlijke groeicurve

Voor Raworth is de oneindige economische groei die de neoklassieke economie nastreeft de spreekwoordelijke root of all evil. “Toen ik na begon te denken over een beeld dat onze huidige economie in essentie weergeeft kwam ik uit op de opwaartse lijn die nooit stopt met stijgen. Dat is het hart van ons economisch model. In feite is dat een heel pikant en vreemd plaatje. Onherkenbaar voor bijvoorbeeld een bioloog of een ecoloog. Voor hen vormt de s-curve het natuurlijke groeipatroon. Onophoudelijke groei is ook vooral een westers concept. Traditionele symbolen voor groei in andere culturen zijn altijd dynamisch, je voelt als het ware de beweging, maar er zit ook altijd balans in. Terwijl de westerse manier van afbeelden van groei alleen maar omhoog schiet.”

Raworth is gefascineerd geraakt door het fenomeen groei. “Groei is goed. Totdat we volwassen worden, dan is het genoeg geweest. We moeten van de natuur leren. Wij kiezen nu nog voor altijd groeiende economieën, ongeacht hoe rijk we al zijn. Meer groei is de oplossing voor elk probleem. Maar waarom zou economie het enige systeem in de wereld zijn dat de natuur kan tarten en wél voor altijd kunnen groeien? Er is geen enkel bewijs voor dat dat kan. Een antwoord vinden op oneindige groei is het wezenlijke economische probleem van vandaag.”

Stabiel, langdurig rendement

De innovatie moet niet alleen vanuit de bedrijven en overheid komen maar ook vanuit de financiële wereld. Die is nu nog volledig gericht op permanente groei. Een enkeling lukt het al om innovatieve instrumenten te ontwikkelen. “Zoals John Fullerton, die Wall Street gedesillusioneerd vaarwel zei en nu alternatieve financieringsvormen bedenkt. Zo investeren pensioenfondsen bij hem in bedrijven die bloeien maar niet per se groeien en krijgen daarvoor een langdurig stabiel rendement. En het bedrijf voelt niet de druk om maar te blijven groeien. De innovatie zit hem erin dat alle partijen de verwachtingen bijstellen over wat een goed rendement is in relatie tot wat een eerlijke, stabiele en gewenste toekomst is.”

Verwachtingen bijstellen over goed rendement

Raworth ziet in de praktijk dat bestuurders van pensioenfondsen meestal zeggen dat ze de verplichting hebben om veel rendement te maken voor hun deelnemers. “Ze verschuilen zich er op haast immorele wijze achter dat het om jouw geld gaat en dat ze verplicht zijn daarmee te doen wat jij wilt. Daarom moeten ze ongebreideld groeien. Dat is natuurlijk een riskante redenering. Want de meeste mensen willen inderdaad een pensioen dat toereikend is als ze eenmaal oud zijn. Maar ze willen ook een leefbare wereld voor hun kinderen en kleinkinderen. Dus het gaat om meer waarden dan alleen geld.”

Twee keer zoveel noten

Aan de andere kant is het van belang dat deelnemers in een pensioenfonds ook hun verwachtingen bijstellen. “Als een eekhoorn in de zomer noten begraaft dan verwacht hij niet dat daar in december twee keer zoveel noten liggen. Mensen zijn ondertussen financieel, cultureel en politiek verslaafd aan oneindige groei en deelnemers in pensioenfondsen vormen daarop geen uitzondering. Maar stel nu dat je van scratch af aan begint en je spreekt iemand die nog nooit van pensioen heeft gehoord. Dan bespreek je toch dat hij zijn inkomen zodanig gebruikt dat het toereikend is voor zijn hele leven, dus ook voor de periode dat hij niet meer werkt. Net als de eekhoorn verwacht hij dan waarschijnlijk niet dat zijn vermogen zomaar groeit.”

Daarom is een andere mindset nodig. “Het gaat niet alleen om anders omgaan met je inkomen. Je kunt ook kiezen om langer door te werken. Daarnaast kun je ook op een andere manier kijken naar bezit. Waarom zou ik nog investeren in een auto als ik die, inclusief de kosten ervan, kan delen met anderen? Slimmer daarmee omgaan is een tweede orde effect voor economische transitie. Zo’n andere mindset voor de lange termijn is wel moeilijk te realiseren omdat we evolutionair vastzitten in korte termijn denken. Mensen zijn niet goed in vooruitdenken. En dan moeten we ook nog ons idee van onbeperkte groei loslaten. Om dat daadwerkelijk te veranderen moeten we de deelnemers van een pensioenfonds ook aanspreken. Dat vraagt om een ander beleid van de fondsen. Bied een pensioenregeling aan die automatisch ook in sociaal en ecologisch opzicht winst oplevert. Laat mensen het betreffende hokje aankruisen als ze dat niet willen en alleen willen kiezen voor maximaal rendement. Nu is het nog andersom.”

Huishoudmanagement

Als kind wilde Raworth de wereld al veranderen. “Ik groeide op in de tijd van hongersnood in Ethiopië, het broeikaseffect, het gat in de ozonlaag, de olieramp met de Exxon Valdez. Een studie economie leek mij de beste manier om te helpen de wereld te verbeteren, omdat economie de moedertaal is van het openbaar bestuur. Dus ik nam aan dat de universiteit me de middelen zou verschaffen om die situaties te veranderen. Maar al snel bleek dat die in mijn ogen belangrijke kwesties gemarginaliseerd werden in de economische theorieën. Ik probeer nu dus al twintig jaar onderwerpen als sociale rechtvaardigheid en het milieu te integreren in de economische theorie. Het eerste wat economiestudenten wereldwijd voorgeschoteld krijgen is de diagram van vraag en aanbod. Ze leren dat de economie een markt is en dat die markt in evenwicht is. Dat zijn twee onwaarheden in één zin. Terwijl de studie juist moet beginnen met maar één vraag: purpose, het doel. Als we niet weten waar de economie voor dient, dan weten we niet wat we moeten bestuderen en wat we willen bereiken. We moeten dus een visie ontwikkelen op wat welvaart eigenlijk is. Het woord economie komt van ekos en nomos en dat betekent huishoudmanagement. Economie is het huishoudboekje. We leven nu in de tijd van het huishouden van de aarde. We hebben nu een nieuwe generatie nodig van huishoudmanagers van de aarde, op wereldschaal maar ook nationaal en lokaal.”

Kunst van het kiezen

Economen zijn in haar optiek het doel uit het oog verloren door er een theoretische wetenschap van te maken. “Daardoor zijn discussies over waarden gaandeweg verdwenen. Er was een innige wens om economie waardevrij te maken. Vervolgens is er de wens naar oneindige groei ingeslopen. We moeten nu de discussie over waarden opnieuw voeren en economie terugbrengen naar haar oorsprong. Anders studeren we geen huishoudmanagement maar geldmanagement. Mensen hebben nu het beeld dat economie over wiskundige formules en modellen gaat. Maar het gaat om de relatie tussen economie en de rest van de samenleving. John Maynard Keynes zei al dat economie de wetenschap is van denken in modellen. Dat je best wiskundige modellen mag gebruiken, maar dat economie verbonden is met de kunst van het kiezen van modellen die relevant zijn voor de wereld van vandaag. Ik denk dat we heel goed zien dat onze huidige samenleving kwetsbaar is, onder andere door de klimaatproblematiek. We moeten dus terug naar de kunst van het maken van relevante keuzes. Dat zijn niet de wiskundige modellen van de afgelopen eeuw. Als Keynes nu zou leven zou hij eerst een nieuw model schetsen om te laten zien hoe economie werkt in de echte wereld. En hij zou de eerste zijn om daar onmiddellijk historici, psychologen, sociologen, ecologen en aardwetenschappers bij te betrekken. Want hij realiseerde zich als geen ander dat economie een klein onderdeel is van een breed besef van hoe mensen leven en op elkaar en op de wereld waarin we leven reageren. Daar heb je inzichten van al die disciplines bij nodig.”

Zwerm spreeuwen

Om de oude economie uit de Newtoniaanse tijd naar het heden te trekken moet je volgens Raworth beginnen bij complexiteit. “Het gaat om fundamentele feedback loops en hoe die elkaar opwaarts of neerwaarts versterken. Dit bepaalt de fascinerende dynamiek in de wereld, van familierelaties tot de boom and bust van aandelenmarkten en het uiteenvallen van ecosystemen. Hyman Minsky beschreef dit al in de jaren zeventig, maar zijn werk raakte in de vergetelheid totdat het bij de laatste economische crisis werd herontdekt. Ik heb het ook pas later ontdekt en was echt gefrustreerd dat zijn fundamentele kijk op de wereld mij nooit was bijgebracht.

Het financiële systeem is volledig in de war

Zijn systeemdenken vormt voor mij de absolute kern van denken over de economie in de 21e eeuw. Het is ook het eerste waar ik nieuwe studenten over vertel. Ik doe dat door een videofilm te laten zien van een zwerm spreeuwen die ongelofelijke patronen vormt doordat elke vogel reageert op de zeven andere vogels om hem heen en zijn vlucht daarop aanpast. Dat is een geweldige metafoor voor hoe de financiële markten werken en hoe de dynamiek van de politieke wereld werkt. Je ziet de verbazing en het ontzag bij de studenten als ze de film zien, want niemand kan voorspellen wat die zwerm het volgende moment zal doen. Dat maakt complexe systemen zo fascinerend. Je kunt niet voorspellen wat er gaat gebeuren. Maar je kunt je er wel op voorbereiden. Door aan de feedback loops en aan gedrag te denken. Door te bedenken hoe kwetsbaar en veerkrachtig het systeem is. Hoe besmettelijk het is voor andere systemen in zijn netwerk, door aan netwerkanalyse te doen. Dat is allemaal niet gedaan ten tijde van de laatste crisis. Er is uitsluitend gekeken naar de kredietwaardigheid van individuele banken, niet naar het domino-effect voor het hele netwerk. Terwijl je bij een complex systeem altijd moet bedenken hoe je het veerkrachtig en adaptief kunt maken.”

Volledig in de war

Raworth ziet om zich heen dat ondanks de crisis alom hardnekkig de principes van de oude economie van vraag en aanbod regeren. “Het gaat nog steeds over rationaliteit terwijl mensen veel complexer en interessanter zijn dan dat. Over tien of twintig jaar vragen mensen zich af hoe we in hemelsnaam de wereldeconomie hebben kunnen baseren op zulke eenvoudige principes. En of die niet conflicteerden met wat we om ons heen zagen gebeuren. De economie van de 21e eeuw zal bestaan uit eerst doen en pas later theoretiseren. Steeds meer mensen zullen inzien dat het huidige financiële systeem volledig in de war is. De financiële crisis leerde ons dat de modellen faalden en dat we niet eens konden verklaren waarom de crisis plaatsvond. Op dat moment was de verwachting dat we de economie zouden herschrijven. Maar dat is niet gebeurd. In plaats daarvan hielpen overheden de banken weer snel op de been zonder de nodige structurele hervormingen door te voeren. Macht beschermt zijn belangen en bedekt snel gemaakte fouten. Economen als Steve Keen laten zien dat dezelfde waarschuwingssignalen die de crisis van 2008 inluidden nu weer worden afgegeven. De financiële crisis is dus nog niet voorbij.”

Samen dansen op de pagina’s

De economische curricula van de universiteiten zijn volgens Raworth nog steeds gebaseerd op het vraag-en-aanbodmodel. “Er zijn wel wat uitzonderingen, maar over het algemeen komt het neer op evenwichtsdenken. Daar haken veel studenten na een half jaar wiskundige vergelijkingen maken gefrustreerd op af. Dat is natuurlijk heel erg, want als jonge mensen willen begrijpen hoe de economie werkt dan moet je ook een studie bieden waarin politiek en milieu zijn geïntegreerd. Die afbakening in vakken is gevaarlijk en reductionistisch. Ik hoor studenten klagen dat ze nooit contact hebben met studenten van andere disciplines. Als je oplossingen wilt bedenken voor grote uitdagen als klimaatverandering of ongelijkheid, dan moet je juist mensen van verschillende disciplines in teams bijeenbrengen zodat je verschillende invalshoeken krijgt.

Het netwerk Rethinking Economics is voortgekomen uit de financiële crisis omdat geen enkele student vanuit de gebruikte modellen kon verklaren wat er aan de hand was. Zij zagen de dissonantie tussen wat hen werd geleerd en wat er in de wereld gebeurde. Dat was de aanzet voor die internationale beweging van studenten en academici die niet slechts één wereldbeeld voorgeschoteld willen krijgen maar een verscheidenheid aan denkbeelden. Ik probeer in mijn boek die verscheidenheid dan ook goed in beeld te brengen. Als je ecologische en feministische en institutionele en complexe en gedragseconomie samen laat dansen op de pagina’s en kijkt wat er dan gebeurt, dan krijg je een beeld van de nieuwe economie.”

Blijf op de hoogte met onze updates

  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.

In ons privacy statement leggen we uit hoe we met je gegevens omgaan.