Skip to content

Clearen renteswaps nog te duur voor pensioenfondsen

Het centraal clearen van renteswaps is op dit moment nog veel te duur voor pensioenfondsen. Ze doen er dan ook verstandig aan bilateraal in swaps te blijven handelen voor het beheer van hun matchingportefeuille. Dit ondanks het gangbare advies van de financiële wereld om zo snel mogelijk te gaan clearen.

Dat stelt Max Verheijen, hoofd Financiële Markten Cardano. “Clearen van swaps is de duurste optie voor pensioenfondsen. Dat komt vooral door de hoge jaarlijkse beheerskosten die clearingmembers in rekening brengen. De voordelen van centraal clearen wegen daardoor niet op tegen het kostennadeel. Daarmee is clearen niet in het belang van de deelnemer aan een pensioenfonds, want het brengt onnodige extra kosten met zich mee. Dat gaat ten koste van de pensioenuitkering”, aldus Verheijen.

Veiliger en transparanter

De wettelijke verplichting tot clearen van renteswaps zweeft al geruime tijd boven de financiële markt. Het is een van de vele uitvloeisels van de Europese regelgeving EMIR die het handelen in financiële producten veiliger en transparanter moet maken. “De wet die clearen verplicht gaat naar verwachting in 2021 in. Zolang die wettelijke verplichting er niet is en bilateraal handelen goedkoper is, doen pensioenfondsen er goed aan bilateraal te blijven handelen met de bank. Clearen gaat een doorsnee fonds van drie miljard euro jaarlijks zo’n 150.000 euro aan beheer kosten. Bovendien zijn clearingmembers commerciële entiteiten die jaarlijks zelf hun beheerskosten vaststellen en die dus altijd eenzijdig kunnen verhogen.”

Clearen gaat ten koste van de pensioenuitekering.
Max Verheijen, Cardano

Laagst mogelijke kosten

Clearen is nu dus volgens Verheijen nog geen optie vanwege de hoge beheerskosten. “Toch kan er een moment komen dat we gedwongen worden om te gaan clearen. Dat is sowieso het geval als het wettelijk verplicht wordt in 2021. Maar het zou ook kunnen dat de kosten van niet clearen, bijvoorbeeld voor aankoop of wijzigen van bilaterale transacties, zodanig omhoog gaan dat clearen wel voordeliger uitpakt. Een derde mogelijkheid die tot clearen dwingt is de invoering van zogenoemd pre-trade reporting. Dit vergt zoveel standaardisering en automatisering van swaphandel dat die potentieel alleen nog via clearing is uit te voeren. Die pre-trade reporting kan al in september 2018 van kracht worden, maar kan ook even goed worden uitgesteld. Het is daarom van belang om constant de ontwikkelingen te blijven volgen. Pensioenfondsen moeten er dus nu al wel voor zorgen dat ze er klaar voor zijn om te gaan clearen op het moment dat de wet of de markt daartoe dwingt.”

Kapitaalsbuffer

Bij de traditionele bilaterale swaptransactie tussen pensioenfonds en bank verstrekt het fonds obligaties of cash als onderpand. Bij clearen verlopen die transacties via een derde partij, het clearinghouse. Dat vervult in feite de functie die de aandelenbeurs heeft in de handel tussen koper en verkoper. Voordeel van een clearinghouse is dat het, anders dan een individuele bank, bijna niet failliet kan gaan. Dit doordat voor elke transactie additioneel onderpand wordt geëist. Daarnaast staan de banken die de leden vormen van het clearinghouse voor elkaar in, door middel van een bijdrage in de kapitaalsbuffer van het clearinghouse. “De kans dat een clearinghouse omvalt is veel kleiner dan bij een individuele bank. Maar als er eenmaal iets gebeurt zijn de gevolgen veel groter, omdat nagenoeg alle transacties via het clearinghouse lopen”, aldus Verheijen.